Categorie archief: marketing

Het merk België (deel 2)

Branding van steden, regio’s en landen kan mij ten zeerste boeien (zie eerdere posts op the B-Word  hier, hier en hier). Niet zozeer omwille van de waarachtigheid ervan, maar wel omdat deze vorm van branding zo’n diepe impact heeft “voor” (toeristen, zakenlui, inwoners) en “achter” het product (diezelfde inwoners maar ook werknemers, politici…). Over het merk België is er de laatste jaren heel wat gezegd en geschreven. Kort komt de discussie meestal neer op de vraag : “moeten we het merk België bewaren of vervangen door nieuwe regionale submerken”. Alvast een argument voor continuïteit is de mening van identiteit & reputatie-expert Simon Anholt in DS van vandaag:

Grofweg kun je de landenmerken in twee categorieën indelen. Type A is saai, efficiënt, competent, met sterke industriële, commerciële en politieke kwaliteiten. Type B is warm, chaotisch, menselijk, maar eigenlijk nutteloos. Algemeen denkt men dat heel Noord-Europa type A is, en Zuid-Europa B. België wordt beschouwd als type A, maar het is een combinatie van A en B. Dat is een sterkte. Als België internationaal succes boekt, is het met een combinatie van hoofd en hart. Het is net zoals Zweden een apart geval: Zweden is competent en goed georganiseerd, maar ook sexy.’

Een interessante insight waarmee de momenteel niet bestaande reputatiemanager van het merk België aan de slag zou kunnen gaan. Zou hij in één klap kunnen komaf maken met de steriele “in the heart of Europe” positionering waaruit sporadische campagnes nu vertrekken.

Advertenties

Japan 10 points

eurovision

Terwijl in België deze campagne als grensverleggend wordt beschouwd, worden de echte bakens verzet in Japan op vlak van digitale merkcampagnes.

Via de subtiel getitelde post “9 reasons why Japanese interactive work is awesome” kwam ik uit op recente digitale Japanse campagnes waarvan m’n mond letterlijk openvielen. Niet alleen is het werk technologisch grensverleggend, de innovatie staat ook steeds ten dienste van het merk. Een andere interessante is dat de “campagnesite” maar steeds een heel klein onderdeel vormt van de totale campagne. Alle drie campagnes hieronder leiden niet naar de zoveelste aparte campagne-URL maar spelen zich vnl. af binnen de persoonlijke digitale ruimte van het publiek.

Link naar case-pagina Axe Chocoman Hunt.

Link naar case-pagina PlayStation – The Last Guy

Link naar case-pagina Adidas – Hello Runners Map

En om af te sluiten een klassieke screensaver-generator die door z’n oogverblindende mooiheid de stempel “so 90ties” weet te vermijden : Honda Inurobo.

Nokia’s schadenfreude

Het is vandaag bon-ton om te zeggen dat Apple zijn coolheid kwijt aan ’t raken is door het succes van de iPod. De hypothese is dat het merk jarenlang gedreven werd door de energie van een selecte schare opinionleaders die nu het merk de rug toekeren sinds elke hond met een hoed een iPod heeft (een theorie die in How brands become icons in detail beschreven wordt).

Het probleem van Apple ligt echter dieper. De echte issue is de onderhandeling die vandaag plaatsvindt tussen merken en consumenten over wie wat van het merk controleert.

Dell IdeaStorm hengelt openlijk naar nieuwe ideeën bij z’n consumerbase, Adobe Labs hanteert zelfs de slogan "“you know more than we do” voor z’n nieuwe product KnowHow. Niet zo bij Apple, de keynotes van Steve Jobs zijn adembenemend maar evengoed dogmatisch. De iPod kan maar op 1 computer tegelijk aangesloten worden en de iPhone werkt maar op 1 netwerk per land. Die laatste beperking wordt door Nokia heel slim bespeeld. Het gevolg is een clash der titanen : een economie van open standaarden vs een gecontroleerde maar superieure gebruikservaring. Als je net zoals ik er twee weken over deed om je Sony Ericsson of Nokia op het net te krijgen, om daarna op een piepklein schermpje DSOnline te lezen, is dit een serieus dilemma.

Lees het volledige verhaal op Apple Insider.

Via Born on the Web