Het merk België (deel 2)

Branding van steden, regio’s en landen kan mij ten zeerste boeien (zie eerdere posts op the B-Word  hier, hier en hier). Niet zozeer omwille van de waarachtigheid ervan, maar wel omdat deze vorm van branding zo’n diepe impact heeft “voor” (toeristen, zakenlui, inwoners) en “achter” het product (diezelfde inwoners maar ook werknemers, politici…). Over het merk België is er de laatste jaren heel wat gezegd en geschreven. Kort komt de discussie meestal neer op de vraag : “moeten we het merk België bewaren of vervangen door nieuwe regionale submerken”. Alvast een argument voor continuïteit is de mening van identiteit & reputatie-expert Simon Anholt in DS van vandaag:

Grofweg kun je de landenmerken in twee categorieën indelen. Type A is saai, efficiënt, competent, met sterke industriële, commerciële en politieke kwaliteiten. Type B is warm, chaotisch, menselijk, maar eigenlijk nutteloos. Algemeen denkt men dat heel Noord-Europa type A is, en Zuid-Europa B. België wordt beschouwd als type A, maar het is een combinatie van A en B. Dat is een sterkte. Als België internationaal succes boekt, is het met een combinatie van hoofd en hart. Het is net zoals Zweden een apart geval: Zweden is competent en goed georganiseerd, maar ook sexy.’

Een interessante insight waarmee de momenteel niet bestaande reputatiemanager van het merk België aan de slag zou kunnen gaan. Zou hij in één klap kunnen komaf maken met de steriele “in the heart of Europe” positionering waaruit sporadische campagnes nu vertrekken.

Ons persoonlijk digitaal netwerk als een ouderwets trouwfeest.

Interessant punt van iBert, zoals gewoonlijk via de juiste metafoor haarscherp geplaatst :

Ons digitaal netwerk begint meer en meer te lijken op een ouderwets trouwfeest waar verschillende clans verdwaasd naar de dansvloer zitten te kijken en zich om beurten afvragen wat ze daar zitten te doen.

Tijd dus om als early adopter op te schuiven naar een volgend stadium. Het hebben van  500+ vrienden is praktisch gesproken onnatuurlijk en de-frienden is niet onbeschoft. Een perfecte illustratie ook van een interessant framewerk over de maturiteit van technologie dat ik bij Boondoggle leerde hanteren en dus ook op SN’s toe te passen valt : de natuurlijke evolutie van elke technologie – van speelgoed over spiegel tot kunstvorm. Ik kijk inmiddels uit naar de dag dat online social network het stadium van kunstvorm bereiken.

Het beste van het slechtste – deel 3

Zonder de indruk te wekken dat ik een fan ben van deze meubelhal, hierbij toch maar weeral een pareltje daluur-advertising…

Japan 10 points

eurovision

Terwijl in België deze campagne als grensverleggend wordt beschouwd, worden de echte bakens verzet in Japan op vlak van digitale merkcampagnes.

Via de subtiel getitelde post “9 reasons why Japanese interactive work is awesome” kwam ik uit op recente digitale Japanse campagnes waarvan m’n mond letterlijk openvielen. Niet alleen is het werk technologisch grensverleggend, de innovatie staat ook steeds ten dienste van het merk. Een andere interessante is dat de “campagnesite” maar steeds een heel klein onderdeel vormt van de totale campagne. Alle drie campagnes hieronder leiden niet naar de zoveelste aparte campagne-URL maar spelen zich vnl. af binnen de persoonlijke digitale ruimte van het publiek.

Link naar case-pagina Axe Chocoman Hunt.

Link naar case-pagina PlayStation – The Last Guy

Link naar case-pagina Adidas – Hello Runners Map

En om af te sluiten een klassieke screensaver-generator die door z’n oogverblindende mooiheid de stempel “so 90ties” weet te vermijden : Honda Inurobo.

Het probleem van Twitter

Na een kleine 3 jaar relatief onopgemerkt te zijn gepasseerd, is er in België sinds enkele maanden een echte Twitterboom. En dat is een probleem…

Toen ik indertijd door collega Jesse werd geïntroduceerd in de Twittersfeer was het even wennen aan een omgeving waarin het plots done was om je peers te melden dat je net een club kaas had gegeten. Maar al snel werden  de voordelen van Twitter duidelijk : de instant pulse (nieuws nog voordat het op blogs verschijnt), laagdrempelig & makkelijk (itt ’n blogpost waar je al snel een kwartier tot een halfuur aan zit te schaven) en vooral selectief (door de beperkte groep gebruikers had Twitter lang een hoge signaal/ruis-ratio in een ons kent ons sfeer). Hierdoor was Twitter een interessant parallel kanaal waarin ik met een minimum investering aan tijd een maximum aan rendement haalde : roddels, links, scoops, you name it…

In de huidige Twitterboom smelten al deze voordelen van de early days stilaan weg als sneeuw voor de zon. Plots lijkt het hebben van  500+ followers (en deze ook zelf allemaal te moeten volgen) heel normaal. Twitter wordt daarmee een soort van publieke Messenger waarmee het de zoveelste tijdsdief op het net wordt. En het is dat gevoel dat deze  parodie op een briljante manier weet te brengen (hat tip : ibert).

Intussen blijf ik zoals een echte hypocriet  vlotjes verder Tweeten terwijl ik deze blogpost achter de hand heb om hardnekkige Twitter-disbelievers voor te zijn met m’n eigen argumenten.

Vodpod videos no longer available.

more about “Het probleem van Twitter“, posted with vodpod

Whopper Sacrifice richt bloedbad aan op Facebook

Het idee was simpel : zet mensen aan om hun “halve vrienden” op Facebook te dumpen. Voor elke 10 gedumpte vrienden schenkt Burger King je een gratis Whopper. Een actie die op papier leek te kloppen omdat ze inspeelt op de insight van beginnende netwerkmoeheid en daaraan een slimme reverse-viral marketing techniek toepast, blijkt nu ook echt te werken. Na enkele dagen zijn reeds meer dan 50.000 “halve vrienden” opgekuist. Link hier.

whopper-sacrifice1

Het beste van het slechtste – aflevering 2

We zetten deze serie verder met een ander pareltje “reclam van den hond” :  een adverteerder van twijfelachtig allooi, een politiek-incorrecte boodschap en als klap op de vuurpijl tenenkrullend acteerwerk. Kortom, alle sterren stonden juist voor een cult-hit in de daluren.